“Mijn droom? Een Europees keurmerk, gedragen door elke nationale federatie”

Over de grenzen heen: de Duitse beroepsfederatie laat van zich horen

Duitsland staat bekend om zijn degelijkheid, en dat geldt ook voor de Duitse verhuissector. Hoewel daar volgens Andreas Eichinger, algemeen directeur van de Duitse beroepsfederatie AMÖ (voluit: Bundesverband Möbelspedition und Logistik (AMÖ) e.V.) best ook nog improvisatietalent aan mag toegevoegd worden. “Onze leden vinden altijd een oplossing, zelfs als ze nog niet meteen precies weten hoe ze de uitdaging zullen aanpakken.”

AMÖ bestaat al sinds 1881 en telt 800 leden. Daardoor is het niet enkel de oudste maar ook de grootste verhuisfederatie in Europa. “Met een netwerk van 17 regionale verenigingen vertegenwoordigt onze federatie een brede waaier aan verhuisbedrijven. Van klassieke residentiële verhuizers tot gespecialiseerde niche-operatoren die MRI-scanners of zelfs radioactieve bronnen voor kankerbehandelingen verplaatsen. We hebben veel verhuizers met nichespecialisaties, wat me vrij uniek lijkt als ik ons vergelijk met andere Europese federaties.”

Challenge accepted

“Wat de sterktes vormen van onze leden? Het zijn echte allrounders”, vertelt Andreas. “En ze beschikken over veel technische kennis en een gezonde portie improvisatievermogen. Soms zeggen onze leden ‘ja’ tegen een opdracht zonder precies te weten hoe ze die gaan aanpakken. Maar ze vinden altijd een oplossing. Dat is onze sterkte.”

“Waarom laten we onze chauffeurs laden en lossen,
in plaats van hen puur op rijden te laten focussen?”

Personeel, digitalisering en verduurzaming

Net als in België kampt Duitsland met een structureel tekort aan vrachtwagenchauffeurs. “Het probleem bestaat al jaren. Vroeger kon je tijdens je verplichte legerdienst een opleiding tot chauffeur volgen, maar sinds 2011 is de dienstplicht afgeschaft. De gemiddelde leeftijd van onze chauffeurs blijft stijgen, en er stroomt te weinig jong talent door. Je voelt dat we op een kantelpunt zitten.”

Volgens Andreas ligt de oplossing deels binnen handbereik, maar vraagt die wel een mentaliteitsverandering. “Waarom laten we onze chauffeurs laden en lossen, in plaats van hen puur op rijden te laten focussen? Waarom houden we vast aan oude werkstructuren die het beroep minder aantrekkelijk maken? Waarom bundelen we onze schaarse middelen niet? We moeten creatiever durven denken.”

Ook technologie biedt perspectieven. “Sommige bedrijven testen exoskeletons om de fysieke belasting bij verhuizers te verlichten. In de praktijk zijn die nog niet altijd bruikbaar -bijvoorbeeld als je een grote kast op een smalle trap draagt- maar het toont wel dat er innovatie leeft in onze sector. We voeren momenteel tests uit met een nieuw ontwikkeld exoskelet. Tot nu toe zien deze tests er veelbelovend uit.” Digitalisering vormt een ander aandachtspunt. “Sommige leden werken nog zonder basissoftware zoals Outlook. Daar zit nog veel groeipotentieel, en als federatie helpen we waar we kunnen.”

“Door samen te werken -via nationale federaties, opleidingen of gezamenlijke kwaliteitslabels- kunnen we sneller vooruitgang boeken”

En andere uitdagingen? Familiebedrijven die moeilijk overnemers vinden, en de elektrificatie van het wagenpark. “Een van onze leden, die ook actief is in de transportsector, heeft al dertig elektrische vrachtwagens. Vaak rijden die dagelijks terug naar hun eigen bedrijfsterrein, maar ze zijn er onder andere ook al mee naar het zuiden van Spanje gereden. De vrachtwagens laden ’s nachts op als de chauffeurs toch moeten rusten. Er zijn wel nog wat uitdagingen, zoals het prijskaartje en het feit dat je de truck tijdens rustperiodes niet snel kunt verplaatsen, bijvoorbeeld van het oplaadpunt naar een parkeerplaats. Maar het potentieel is er.”

Kwaliteitslabel als hefboom

Om die professionalisering kracht bij te zetten, vindt AMÖ hun kwaliteitsstandaard heruit met 108 concrete en nieuw ontwikkelde criteria. “Het label is meer dan een keurmerk en gegroeid vanuit AMÖ met een werkgroep van bedrijfseigenaars,” benadrukt Andreas. Het toont aan klanten én collega’s dat je als bedrijf inzet op kwaliteit, transparantie, veiligheid en klantgerichtheid.

“We willen de hele sector naar een hoger niveau tillen, en dat lukt alleen als we middelen aanreiken én het belang van die kwaliteit -dus waarom we het doen- blijven communiceren”, aldus de algemeen directeur. “We hebben nieuwe, speciale software ontwikkeld voor het controleren van onze leden. Deze software vormt het hart van de virtuele wereld van AMÖ, waar de vereniging informatie en professionele diensten aanbiedt aan haar leden.”

Regelgeving: kleine verschillen, grote gevolgen

Internationaal samenwerken is essentieel, maar niet vanzelfsprekend. “Er zijn veel kleine verschillen in regelgeving tussen België en Duitsland,” zegt Andreas. “Denk aan het gebruik van verhuisliften: in Duitsland moet je een specifiek RSA21-certificaat halen om ze te kunnen bedienen, waardoor ze veel minder worden gebruikt. In België, en zeker in de grootsteden, daarentegen zijn liften bijna standaard. Ook op het vlak van tolheffing, emissiezones en ladingzekering zijn er variaties.”

Een goede samenwerking begint dan ook met kennisdeling. AMÖ stelt uitgebreide documentatie ter beschikking over de wettelijke vereisten in elk land. Daarnaast is er een nieuwe Coördinator ‘Operational Excellence’ aangesteld, die bedrijven helpt om internationale ambities waar te maken en hen te professionaliseren. “We zien het als onze taak om de drempel te verlagen voor onze leden”, legt Andreas uit.

Samen sterker in Europa

Volgens Andreas biedt de Europese context ook veel kansen. “De verhuissector kent vele uitdagingen. Door samen te werken -via nationale federaties, opleidingen of gezamenlijke kwaliteitslabels- kunnen we sneller vooruitgang boeken.” Zijn droom? “Een Europees keurmerk, gedragen door alle nationale federaties. We hoeven het warm water niet in elk land opnieuw uit te vinden.”

De amoe:akademie biedt opleidingen die perfect gedeeld kunnen worden met buitenlandse collega’s. AMÖ biedt samen met partner DAV Bremen opleidingen rond personeelswerving, douane, duurzaamheid en financiën aan.

Andreas ziet in Belgische collega’s ideale partners. “Op federatieniveau hebben we al goede contacten met BKV. Maar ik zou graag nog meer concrete samenwerking zien op bedrijfsniveau: zoals opleidingen, ervaringuitwisselingen en gezamenlijke projecten. Dat kan veel betekenen, zeker ook voor kleinere verhuisbedrijven.”

Oproep: bundel de krachten!

De tijd is rijp voor meer samenwerking tussen Belgische en Duitse verhuisbedrijven, geeft Andreas aan. “Op federaal niveau wisselen we al geregeld ideeën uit via bilaterale meetings en FEDEMAC, maar op bedrijfsniveau blijft het vaak bij toevallige contacten,” vertelt hij. “We zouden veel meer kunnen doen: gezamenlijke trainingen, businessmodellen uitwisselen of samen nadenken over innovatieve oplossingen.”

Daarom doet hij een duidelijke oproep: “We willen samenwerkingen laten groeien vanuit de sector zelf. Dat is extra waardevol. Als Belgische bedrijven interesse hebben om ideeën uit te wisselen met Duitse collega’s: laat het ons weten.” En daarvoor telt de grootte van het bedrijf niet mee. Volgens Andreas kunnen kleinere bedrijven verrassend veel impact maken. “We merken dat sommige van ons leden met een lager personeelsaantal kennis absorberen als sponzen. Ze passen zich razendsnel aan en groeien daardoor sterk. De bereidheid om te leren en te delen is belangrijker dan de grootte van je bedrijf.”

Stuur naar info@bkv-cbd.be als je graag kennis wil uitwisselen met Duitse collega’s

areagency
Author: areagency

Leave a Reply